Voor de leerkracht

Bent u leerkracht en heeft u kinderen met TOS in uw klas? Neem dan ook eens een kijkje op de site van Juf Marita, Zij heeft jaren ervaring in het cluster 2 onderwijs en ook haar site staat vol met handige tips.

Op deze pagina wil ik vooral ingaan op (on)gewenst gedrag in de klas van kinderen met een prikkelverwerkingsstoornis en hoe je daar als leerkracht passend op kunt reageren. De pagina is nog in ontwikkeling en zal regelmatig aangevuld en geupdate worden.

Prikkelverwerking

Om een "druk" kind of juist een "uitgeblust" kind beter te kunnen begeleiden is het in de eerste plaats van belang om te weten hoe de prikkelverwerking werkt.

Bij alles wat we doen ervaren we prikkels, sommige prikkels ervaren we bewust, andere prikkels ervaren we onbewust. Het zijn onze hersenen die bepalen wat we bewust, wat we nauwelijks en wat we onbewust ervaren. Prikkels worden door onze zintuigen naar onze hersenen doorgegeven. Onze hersenen verwerken die informatie en reageren hierop. Bij prikkelverwerking is vooral dat laatste erg belangrijk om te onthouden: onze hersenen reageren hier automatisch op..... we hebben dit dus niet zelf in de hand!

Prikkels

Bij eenvoudige, alledaagse handelingen zijn onze hersenen al heel druk bezig met het verwerken van alle binnenkomende informatie vanuit de omgeving en ons lichaam. Laten we als voorbeeld nemen dat u aan het aanrecht staat en een appel schilt. Een alledaagse handeling,maar er komen enorm veel prikkels uw hersenen binnen. Buiten het feit dat uw lichaam in balans moet blijven (anders valt u om) u heel precies moet schillen, de appel moet vasthouden en de juiste druk met het mes moet geven zijn er nog heel veel andere omgevingsfactoren die door uw hersenen geregistreerd worden. Denk hierbij aan de geur van de appel, de plakkerigheid van het sap, het tikken van uw horloge, het brommen van die irritante vlieg, de muziek uit de radio die zachtjes aanstaat, het knipperen van je ogen, het verdragen van de kleding op je huid, je ziet je neus en misschien ook wel uw haren, het lich van de keukenlamp, het rommelen van je maag, het geluid van een auto die door de straat rijdt, etc.

Kortom, er gebeurt de hele dag heel veel om je heen, maar gelukkig registreer je dat niet allemaal bewust. Daar zorgen je hersenen voor. De hersenen hebben als het ware een filter die vour jou bepaalt welke prikkel enorm belangrijk is ("Auw" je sneed met het schilmesje in je vinger en trekt snel je vinger terug) en waar direct op gereageerd moet worden. Daarna bepalen de hersenen welke prikkel voor jou nu belangrijk is (oh wat ruikt die appel lekker) en jouw aandacht nodig hebben. Daarnaast zijn er nog prikkels die nuttig zijn. Zij zorgen ervoor dat we ons aanpassen wanneer dat nodig is. Den khierbij aan het dichtdoen van je jas wanneer de wind opsteekt. Tot slot zijn er dan nog de prikkels die oninteressant zijn. Dat is in ons verhaal bijvoorbeeld de  auto die door de straat rijdt.

Filter

Wanneer het filter in onze hersenen normaal functioneert, zitten we goed in ons vel en komen we op een prettige manier onze dag door. Je hoofd is dan niet te vol, maar ook niet te leeg. Hoe zie je dat aan een leerling in de klas?

  • het kind laat zich niet afleiden door achtergrondgeluiden
  • het kind laat zich niet afleiden door een klasgenootje dat langsloopt
  • het kind heeft geen last van de spelende kleuters op het plein
  • het kind kan zich goed concentreren
  • het kind zit stil op zijn stoel

Onderprikkeld

Soms werkt het filter juist te goed en worden te veel prikkels aangezien voor oninteressant waardoor de hersenen niet om een reactie vragen. In het voorbeeld van de appel zou je kunnen stellen dat een kind dat onderprikkeld is niet voelt dat de appel plakkerig is en wellicht ook niet voelt dat hij in zijn vinger snijdt. Deze kinderen maken vaak een uitgebluste indruk. Er wordt wel van gezegd dat ze lui zijn of wel wat "peper kunnen gebruiken". Houd hierbij nog steeds in gedachte dat het onze hersenen zijn die automatisch bepalen op welke prikkel het kind reageert... het kind heeft hier dus geen controle op! Hoe merk je dat een leerling in jouw klas onderprikkeld is?

  • het kind heeft geen last van harde geluiden, maar reageert ook niet wanneer hij geroepen wordt
  • wanneer het wat rumoeriger wordt in de klas, lijkt het kind wat weg te dromen
  • het kind kan zich moeilijk concentreren
  • het kind is wat traag en kan maar moeilijk wakker/alert blijven
  • het kind leest soms hardop mee zonder dit door te hebben
  • het kind voelt niet altijd dat kleding gedraaid of verkeerd zit

Overprikkeld

Het kan ook zijn dat het filter niet goed werkt en veel te veel prikkels doorlaat die de hersenen aanzien voor enorm belangrijk of nu voor jou belangrijk. Je hoofd wordt dan veel te vol met prikkels en je kunt niet goed meer onderscheiden wat nu ècht belangrijk is om op te reageren. Je hersenen slaan als het ware op tilt. Wanneer de hersenen veel te veel prikkels binnen krijgen, kan het zijn dat ze de prikkels veel sterker doorgeven dan ze eigenlijk zijn. Een kleine aanraking kan dan als pijnlijk ervaren worden en een zacht geluid kan zeer doen aan de oren van het kind. Het is dan ook veel lastiger om twee dingen tegelijk te doen, zoals een appel schillen en met iemand praten. Je zult dan eerder in je vingers snijden.

Overladen worden door prikkels is heel vermoeiend, kan pijnlijk zijn en tot heftige emoties leiden. Hoe kun je aan een kind merken dat het last heeft van overprikkeling?

  • het kind heeft vaak last zijn kleding, of ergert zich aan de etiketjes of naden ervan
  • het kind kan schrikken wanneer er een stoel verschuift
  • het kind is niet alleen snel van slag, maar heeft ook tijd nodig om zich weer te herstellen en zich weer aan zijn taak te zetten
  • het kind kan zich niet concentreren wanneer anderen praten, heeft de neiging zich overal mee te "bemoeien"
  • het kind kan zich moeilijk op het gesproken woord van de leerkracht richten omdat hij heel veel afleiding om zich heen ervaart
  • het kind kan goed stilzitten, dat is prettig en verminderd de prikkels

Omgeving

Niet alleen de werking van het filter dat de prikkels al dan niet doorlaat speelt een rol bij de prikkelverwerking, ook de omgeving is van belang. een kind dat uitgeslapen is en zich fit voelt, kan meer prikkels aan dan een vermoeid kind dat niet lekker in zijn vel zit. Ook zal een kind dat zich veilig voelt, beter met prikkels om kunnen gaan dan een kind dat zich niet veilig voelt. Die veiligheid kan samenhangen met de andere leerlingen in de klas, de houding van de leerkracht, de inrichting van het lokaal, maar ook een thuissituatie kan hier een rol bij spelen.


Onder-/overprikkeling & gedrag

deze uitleg volgt snel